Behandeling in het gezin

Werken met gezinnen / gezinstherapie

De gewenste situatie die ouders en kinderen voor ogen hebben, staat meestal niet op zich. Kinderen komen zelden uit zichzelf in therapie omdat ze van hun ‘probleem’ af willen. Meestal vinden ouders of leerkrachten dat er iets moet veranderen. Soms hebben zorgzame en bezorgde volwassenen al veel geprobeerd. Kinderen en jongeren zijn dan ook regelmatig wat ontmoedigd en weinig gemotiveerd bij de aanmelding (motivatie).

Bij het werken met kinderen, van jong tot (bijna) volwassen is het belangrijk om samenwerking aan te gaan. Niet alleen met het kind zelf, maar ook met de belangrijke anderen rondom dit kind.

Kindproblemen worden slechts op twee manieren opgelost:

  • Het lastige gedrag doet zich niet meer voor (kind en/of ouders hebben vaardigheden geleerd). Ouders ontpoppen zich tot supporter van hun kind in de weg daar naartoe.
  • Dat wat als ‘probleem’ werd gezien, wordt nu anders gelabeld. Praten over opvoedingsproblemen wordt vervangen het zoeken naar mogelijkheden voor het anders omgaan met dat wat bijvoorbeeld niet te veranderen is. Soms lijken problemen ook spontaan op te lossen, omdát het lukt er anders mee om te gaan. (zie ook opvoedingsvragen / opvoedingsproblemen).